Zondag 26 mei 2013
Leek – Paterswolde
Het heeft gisteravond nog een tijd geregend, maar al spoedig viel ik in slaap. ’s Nachts was het in elk geval droog. Na de thee en de havermoutse pap pak ik de boel in en om vijf voor acht gaan we van start. Het is bewolkt, nevelig en de wind hebben we meest mee. Het is 10 graden in de plus en met drie lagen kan het net.
Over landgoed Nienoord lopend pakken we de route weer op. ‘t Is allemaal natuur. Dit moet wel bijna de brug over het Leekster hoofddiep zijn. Onze voorouders hebben heel wat kuubs zand en klei verzet. Dumpers hadden ze toen nog niet, het ging allemaal met de kruiwagen.
Dit is toch wel een bijzonder paddenstoeltje, ik heb er nog nooit zo een gezien.
Dit is ook een paddenstoel, maar sowieso oneetbaar. Op naar Roderwolde.
Tja, het is hier voornamelijk weiland, maar dat heeft ook wel iets. In de verte ligt het Leekstermeer, dichterbij komen we niet.
Handig zo regelmatig een paddenstoel. Je weet meteen precies waar je zit (speciaal voor mensen zonder GPS).
Op de kaart zien sloten, weteringen, vaarten enz. enz. er altijd indrukwekkend uit. Meestal blijkt het dan maar een smal watertje te zijn. OK, zonder brug heb je wel een uitdaging (om droog over te komen).
Roderwolde komt eraan. Tja, echt bijzonder is de omgeving niet.
Om het landschap nog een klein beetje toonbaar te maken hebben ze er hier een kudde schapen op gezet.
Om half tien lopen we Roderwolde in. Zou er al iets open zijn?
Het buurtcomité heeft er zijn best op gedaan. Maar ik vrees dat het gisteravond laat is geworden en dat heeft consequenties voor ons.
Café Lindeboom zit potdicht. We maken maar even gebruik van het bankje, dat daar is neergezet voor vermoeide wandelaars. Komt er nog iemand om de bestelling op te nemen? Helaas, het wordt chocomel uit mijn bidon.
Er staan auto’s en fietsen en uit de kerk klinkt stemmige muziek. Niet iedereen in dit dorp ligt op één oor.
Ook dit huis deelt mee in de feestvreugde.
Net buiten het dorp staan een aantal ‘praalwagens’ geparkeerd. Zo heten die dingen toch? Gisteren is er beslist een optocht geweest.
Net buiten het dorp staat de gecombineerde olie- en korenmolen Woldzigt uit 1852.
Dit is het Peizerdiep waar we in zuidelijke richting een paar honderd meter langslopen.
Daarna lopen we verder in oostelijke richting.
Rechts van ons ligt het cultuurlandschap de Stenhorsten. Tja, zo’n informatiebord. Het is echt iets om ter plekke te lezen, maar niet om te fotograferen. En dit is dan dat zogeheten cultuurlandschap.
Dit is Tolhuis Peizerwold. Een paard en wagen moet vier cent, een fiets één cent en een auto moet tien cent tol betalen. Wandelaars zijn zeker tolvrij.
Voor zover ik weet zijn dit koekoeksbloemen.
Is dit een opknappertje? De tuin, de vuurdoorn, het verfwerk en de goten behoeven onderhoud. Die sparreboom kan ook wel weg. Er staat een auto, dus de bewoners zijn aanwezig.
We doorkruisen het natuurgebied de Peizer- en Eeldermaden. Maden zijn natte hooilanden, die pas laat in het voorjaar konden worden gemaaid. Dat schiet voor de moderne boer niet op natuurlijk. Natuurmonumenten heeft hier veel grond aangekocht, die niet meer wordt bewerkt. Inmiddels is het een geliefde plek voor weidevogels.
Langs het Omgelegde Eelderdiep lopen we zuidwaarts. Links van ons staat een nieuwe wijk van het dorp Eelderwolde.
Op naar Paterswolde. Rechts van ons de Peizer- en Eeldermaden en links kleinschalig natuurgebied.
Nou ja, verder is het doorbuffelen op het fietspad langs het Omgelegde Eelderdiep.
Zo’n huisje in het buitengebied oogt wel aardig.
Ik vermoed dat de ijsboer hier actief is geweest. Nou, voor ijs vind ik het te fris. De zon laat het vandaag ook compleet afweten.
Het gras doet het goed, het is nog drie kilometer naar Paterswolde.
Je moet ervan houden natuurlijk, maar in elk geval hoef je zo’n huis uitgevoerd in Red Ceder niet te schilderen.
Zomaar een monumentale boerderij.
Dit is het Herenhuis Westerbroek. In het wandelboekje wordt het niet genoemd, maar ik vind later dat het is gebouwd in 1802.
We slaan linksaf en zigzaggen over het Landgoed De Braak, eigendom van Natuurmonumenten.
Op het Landgoed is door de vorige eigenaar een Berceau aangelegd. De tekening geeft aan hoe het vroeger toeging. Als je ‘kennis’ had aan een meisje mocht je door het Berceau wandelen en misschien een kusje stelen.
Het is behoorlijk donker in het Berceau, daardoor oogt de foto een beetje merkwaardig.
Ook zoiets van vroeger tijden, een ‘doolhof’. Sowieso een prachtig landgoed, dit De Braak. Jammer dat er geen klein zonnetje op staat.
Zullen we hier een kopje koffie nuttigen? Het theehuisje ziet er alleraardigst uit. Toch maar niet, we gaan de bushalte opzoeken.
Over de oprijlaan verlaten we landgoed De Braak.
We lopen Paterswolde in. Ik heb gelezen dat ook hier de boel op de schop is en dat de bus wordt omgeleid. Zo te zien is de bushalte in de Vennerstraat in gebruik. De bus rijdt om één uur, dus hebben we nog net even tijd voor een bakje koffie in de aanpalende cafetaria.
De bus rijdt (op Groningen) en ook de NS heeft er vandaag zin in. Mooi op tijd ben ik thuis zodat ik nog tijd heb om de rugzak uit te ruimen en mijn tent te drogen te hangen.
Sowieso een mooie wandeling achter de rug. Het weer had wat beter gekund, maar ja, dit is Nederland. Anne en Till: bedankt!